Héron windmolensite: bevredigende ornitholo-gische monitoring volgens Faune & Biotopes

Op vraag van Luminus volgde de vzw Faune et Biotopes twee jaar lang de compenserende maatregelen op die ingevoerd zijn vóór de bouw van windmolenproject Héron I.

 

Het park van Héron is gebouwd in 2017 en telt drie windmolens met een totaal vermogen van 7,5 MW. De monitoring die Faune et Biotopes op vraag van Luminus uitgevoerd heeft, had als doel een balans op te stellen van de maatregelen die vanuit ornithologisch oogpunt (bescherming van de vogels) genomen zijn.

 

De vereniging voerde tal van excursies uit op het terrein. Er werd een systematisch parcours afgelegd van alle grasvelden om gegevens te verstrekken over de "aanwezigheid/afwezigheid" van de verschillende vogelsoorten die men tegenkwam. Conclusie aan het einde van deze monitoring van twee jaar, die gestart werd in de herfst van 2016: de soorten waarop de maatregelen gericht waren – vogels in het algemeen en bepaalde soorten in het bijzonder - werden aangetroffen op de voorzieningen, zowel in de broedperiode als tijdens de vogeltrek en de overwintering. Heel wat tekenen dus van een geslaagde compensatie.

 

Meer in detail noteerde de vzw:

  • de aanwezigheid, op de voorzieningen, van drie soorten kiekendieven die met uitsterven bedreigd worden (blauwe kiekendief, grauwe kiekendief, bruine kiekendief). "Hun constante aanwezigheid op de voorzieningen is een goed voorteken, aangezien het doel ervan was om de aantrekkelijkheid van de landbouwvlaktes te vergroten en zo de vogels weg te leiden van het windmolenparkgebied."  Er werden ook enkele opmerkelijke roofvogels gespot: het smelleken en de slechtvalk. De velduil, een minder voorkomende soort die volop profiteert van de voorzieningen, werd ook twee keer waargenomen op deze percelen.
  • het veelvuldige gebruik van de voorzieningen door de grauwe gors, een strikt beschermde mussoort. "Hem te zien nestelen in de geplaatste voorzieningen en te zien hoe hij ze tijdens de winter gebruikt, met een uitzonderlijke groep van meer dan 70 waargenomen individuen in één enkele dag, is een andere garantie dat deze voorzieningen een succes zijn", bevestigt Amandine. Er werden ook andere soorten waargenomen die vaker voorkomen maar ook alsmaar afnemen op het Waals grondgebied. Onder meer de kwartel, de kneu, de patrijs, de geelgors en de rietgors.

 

De beplanting van volledige percelen met voedingsgewassen, op een oppervlakte van bijna acht hectare, vormt een belangrijke aanvoer van voedselbronnen die vanaf de eerste winter benut zijn, in het bijzonder door de grauwe gors. Zeventig exemplaren werden geteld en dat aantal is behoorlijk groot in vergelijking met de fragiele populatie van deze soort, en is zelfs een recordobservatie in Wallonië tijdens de winter van 2017-2018.

Monitoring van de doeltreffendheid van de compenserende maatregelen op afstand van de windmolensite van Héron I: de velduil, een gerespecteerde gast, werd twee keer waargenomen door de vzw Faune et Biotopes.